Aubergines

De aubergines staan bij Martha en mij in dezelfde kas als de tomaten en de komkommers. Toch stellen aubergines iets andere eisen aan hun omgeving dan tomaten, zo houden ze bijvoorbeeld van meer vocht en nemen ze genoegen met minder licht dan tomaten. Ook verdragen aubergines meer warmte dan tomaten en komkommers. In de professionele teelt zul je daarom nooit een gemengde kas met deze groenten tegenkomen, maar in de moestuin zoeken we graag de grenzen op van wat mogelijk is en omdat we de planten per soort op twee handen kunnen tellen zijn we in staat om ze zoveel mogelijk te geven wat ze willen. Op het moestuincomplex zien we ook veel tomaten buiten staan, maar de vruchtzetting daarvan verloopt moeizamer, of misschien komt dat door de afwezigheid van voldoende hommels en bijen, daarover later meer.

Het zaaien van aubergines loopt gelijk met het zaaien van de tomaten en komkommers. Eind februari worden de zaden ondergestopt in speciale zaai- en stekgrond. Deze grond vermengen we wel eerst met gewone potgrond. We gebruiken hiervoor altijd potgrond met het RHP-keurmerk, het merk is minder van belang. Op deze manier krijgen we een zaaimedium dat lekker luchtig is, maar wel iets meer vocht vasthoudt dan enkel de zaai- en stekgrond.

We zaaien een zaadje per bakje in een tray. de bakjes zijn ongeveer 3 bij 3 centimeter. Net als de tomaten en komkommers worden ze afgedekt met vershoudfolie totdat ze ontkiemen. Zodra het eerste blad zichtbaar is verhuizen ze in de vensterbank naar de Vachser van Ikea waar de groeilampen de zwakke februarizon aanvullen. De aubergines genieten hier van dezelfde warmte als de tomaten, die vaak samen in de vensterbank staan.

Aubergines groeien in het begin bij ons sneller dan de tomaten. Ze verhuizen daarom iets eerder naar hun 9 centimeter potje. Ze blijven in de vensterbank staan tot het grootste gevaar voor nachtvorst verdwenen is. Dan verhuizen ze samen met de tomaten en de komkommer naar de kas, waar ze ook tegelijkertijd worden uitgeplant, zo rond half mei.

De verzorging van aubergines verschilt enigszins met die van tomaten. De planten staan, zoals hierboven reeds vermeld, graag iets vochtiger dan tomaten. Het is moeilijk om uit te leggen hoeveel vocht een plant nodig heeft, zeker in een kas. Onze ervaring is dat de meeste mensen eerder te veel, dan te weinig water geven. In onze kas staan acht tomatenplanten, vier aubergines, wat basilicum en een druif. Elke keer als we water geven, gebruiken we ongeveer acht liter. Water geven gebeurt meestal om de dag.

De aubergines hebben minder de neiging om te klimmen dan de tomaten, we groeien ze daarom ook als een struikje, van ongeveer een meter hoog. Toch ondersteunen we vanaf het prille begin de plant met een bamboestok, want de vruchten kunnen toch voor redelijk wat gewicht zorgen. In verschillende boeken lees ik dat aubergines ook gediefd moeten worden, maar dit heb ik zelf nog niet gedaan en de oogst is dit jaar zeer rijkelijk.

De aubergineplant met bloemen en vruchten, de bloemen worden met een penseel bestoven

De steeds zeldzamer wordende hommel en bij zorgen normaal gesproken voor de bestuiving, maar net als bij tomaten zijn hommels en bijen in een kas zeldzaam. Voor aubergines gebruiken we daarom een kwastje om de bloemen te bevruchten. Elke bloem wordt voorzichtig even aangestipt.

Dit jaar hebben we zoals gezegd veel vruchten, maar de planten maken niet allemaal een even gezonde indruk. Het blad van sommige planten vertoont wat verkleuring en sommige bloemen vallen op de grond. Zelf denken we dat dat komt omdat we de grond in de kas dit jaar voor de tweede maal gebruiken. Ook zou het te maken kunnen hebben met een gebrek aan een bepaalde voedingsstof, maar we houden ons aanbevolen voor tips. Aubergines uit eigen tuin zijn een delicatesse en bevatten zeer veel smaak.